Wie is eigenaar van een mantelzorgwoning?

door | mei 24, 2026 | Mantelzorgwoning-Juridisch

Een mantelzorgwoning kan een praktische oplossing zijn als iemand zorg nodig heeft en dichtbij familie of naasten wil wonen. Maar zodra er een aparte woonruimte op het erf komt, ontstaat vaak de vraag: wie is eigenlijk eigenaar van die mantelzorgwoning? Het antwoord hangt af van de manier waarop de woning is geplaatst, wie de grond bezit, welke afspraken zijn gemaakt en of de woning verplaatsbaar is of vast met de grond verbonden.

Wie is juridisch eigenaar van de mantelzorgwoning?

Juridisch gezien is de eigenaar van een mantelzorgwoning niet altijd automatisch degene die de woning heeft betaald. In Nederland speelt vooral het eigendom van de grond een grote rol. Staat de mantelzorgwoning op grond die eigendom is van bijvoorbeeld de kinderen, dan kan de woning in veel gevallen juridisch ook tot hun eigendom gaan behoren. Dit komt door het principe van natrekking: alles wat duurzaam met de grond is verbonden, wordt eigendom van de grondeigenaar. Heeft de zorgbehoevende ouder de woning zelf bekostigd, dan betekent dat dus niet vanzelf dat hij of zij ook juridisch eigenaar blijft. Daarom is het belangrijk om vooraf goed te bepalen of de mantelzorgwoning roerend of onroerend is en welke afspraken daarbij horen.

Eigendom bij een losse of aangebouwde woning

Bij een losse, verplaatsbare mantelzorgwoning ligt het eigendom vaak eenvoudiger: als de woning niet duurzaam met de grond is verbonden en later kan worden weggehaald, kan deze eigendom blijven van degene die de woning heeft gekocht. Denk aan een tijdelijke unit of prefab mantelzorgwoning die op het erf wordt geplaatst. Bij een aangebouwde mantelzorgwoning of een verbouwing van een bestaande garage, schuur of aanbouw is dat anders. Omdat de woonruimte dan onderdeel wordt van het hoofdgebouw of duurzaam met de grond is verbonden, wordt deze meestal eigendom van de eigenaar van de woning of het perceel. Ook als iemand anders de bouwkosten heeft betaald, kan het juridisch eigendom dus bij de grondeigenaar liggen.

Wat verandert er als de zorgsituatie stopt?

Wanneer de mantelzorgsituatie eindigt, bijvoorbeeld door overlijden, verhuizing of opname in een zorginstelling, kan dat gevolgen hebben voor het gebruik van de mantelzorgwoning. In veel gemeenten mag een mantelzorgwoning alleen worden gebruikt zolang er daadwerkelijk sprake is van mantelzorg. Daarna moet de woning soms worden verwijderd, of mag deze niet langer als zelfstandige woonruimte worden bewoond. Bij een verplaatsbare woning kan worden afgesproken dat de eigenaar deze meeneemt of verkoopt. Bij een aangebouwde woning is dat lastiger, omdat de ruimte vaak onderdeel blijft van het bestaande huis. Dan moet vooraf duidelijk zijn wat er gebeurt met de investering die is gedaan en of er bijvoorbeeld een vergoeding wordt betaald.

Afspraken vastleggen over grond en gebruik

Omdat eigendom en gebruik niet altijd samenvallen, is het verstandig om afspraken schriftelijk vast te leggen. Denk aan afspraken over wie de mantelzorgwoning betaalt, wie eigenaar blijft, wie verantwoordelijk is voor onderhoud, verzekeringen, energiekosten en gemeentelijke heffingen. Ook kan worden vastgelegd wat er gebeurt als de zorg stopt, als de woning wordt verkocht of als één van de betrokkenen overlijdt. Bij plaatsing op grond van een ander kan een gebruiksovereenkomst, huurcontract, recht van opstal of notariële akte uitkomst bieden. Vooral een recht van opstal kan belangrijk zijn om te voorkomen dat de mantelzorgwoning automatisch eigendom wordt van de grondeigenaar.

Belasting, vergunningen en gevolgen bij verkoop

Een mantelzorgwoning kan ook fiscale en juridische gevolgen hebben. Zo kan de WOZ-waarde van het perceel stijgen, wat invloed heeft op gemeentelijke belastingen. Ook kan de aanwezigheid van een mantelzorgwoning gevolgen hebben voor erfbelasting, schenkbelasting of de eigenwoningregeling, afhankelijk van wie eigenaar is en wie er woont. Bij verkoop van het hoofdperceel moet duidelijk zijn of de mantelzorgwoning onderdeel is van de verkoop of apart kan worden verwijderd. Daarnaast gelden er regels rond vergunningvrij bouwen, het bestemmingsplan en het gebruik na beëindiging van de mantelzorg. Hoewel veel mantelzorgwoningen onder voorwaarden vergunningvrij mogen worden geplaatst, betekent dat niet dat er geen regels gelden.

Wie eigenaar is van een mantelzorgwoning hangt dus vooral af van de grond, de bouwvorm en de afspraken tussen de betrokkenen. Een losse, verplaatsbare woning kan eigendom blijven van degene die deze betaalt, terwijl een aangebouwde of vaste woning vaak eigendom wordt van de grondeigenaar. Omdat dit financiële en juridische gevolgen kan hebben, is het verstandig om vóór plaatsing advies in te winnen en afspraken goed vast te leggen. Zo voorkomt u onduidelijkheid op het moment dat de zorgsituatie verandert.

Nieuwsgierig naar meer? Kijk hier de volledige video